Schipperstrui breien in maat 86/92: gratis patroon

Patroon

Schipperstrui breien in maat 86/92: gratis patroon

14 augustus 20264 min lezen

Brei een schipperstrui voor maat 86/92 met boordsteek, tricotsteek en een praktische kraag met knooplusje. Inclusief materialen, stekenverhouding en werkwijze.

Van inspiratie naar maken

Wil je dit later maken?

Bewaar dit eerst. Daarna kun je het als persoonlijk project starten, materialen afvinken en notities toevoegen.

Bekijk bewaarde ideeën

Deze schipperstrui is een gebreid kindertruitje in maat 86/92, bedoeld voor ongeveer 18 maanden. Het patroon gebruikt boordsteek 2 x 2 en tricotsteek. De bron beschrijft een proeflapje van 16 steken op 10 cm, de panden, mouwen, kraag en afwerking. De maten en aantallen hieronder horen bij het beschreven voorbeeld.

Benodigdheden

  • 5 bollen Super Charming van Yarn & Colors
  • Rondbreinaalden 5 en 5,5 mm, lengte 40 cm
  • Breinaalden 5 en 5,5 mm
  • 1 knoop
  • Dikke borduurnaald en schaar
  • Dunne haaknaald voor het knooplusje

Voor je begint

Brei eerst een proeflapje in tricotsteek met naald 5,5 mm. In het beschreven voorbeeld zijn dat 16 steken op 10 cm. Gebruik je ander garen, pas dan de naalddikte aan tot je dezelfde stekenverhouding bereikt. Het patroon is uitgewerkt voor maat 86/92 (ongeveer 18 maanden).

Rugpand

Zet 46 steken op met naald 5 mm en brei 6 toeren boordsteek 2 x 2. Ga daarna verder met naald 5,5 mm in tricotsteek. Brei op een totale hoogte van 21 cm aan beide kanten af voor de armsgaten: 1 keer 2 steken en 2 keer 1 steek.

Brei tot een totale hoogte van 35 cm. In het voorbeeld waren dat 62 toeren tricotsteek. Kant voor de schouders aan beide kanten 2 keer 5 steken af. Kant daarna de 2 middelste steken af.

Voorpand

Brei het voorpand op dezelfde manier als het rugpand. Kant op 25 cm totale hoogte de middelste 10 steken af en brei de twee helften afzonderlijk verder.

Minder aan de halskant in de 2e, 6e, 10e en 14e toer telkens 1 steek. Aan de ene schouder gebeurt dat door 2 steken samen te breien; aan de andere schouder wordt de tweede steek afgehaald, de volgende steek gebreid en de afgehaalde steek daarover gehaald. Kant de schouders, net als bij het rugpand, na in totaal 62 toeren af.

Schouders en kraag

Zet eerst de schouders aan elkaar en sluit daarna de zijnaden van het voor- en rugpand.

Neem met rondbreinaald 5 mm steken op langs de rechterhals, het rugpand en de linkerhals. Brei niet in het rond, maar heen en weer. Meer of minder in de eerste naald tot je 56 steken hebt. Brei boordsteek 2 x 2 en begin met 2 averechtse steken.

Wissel bij 6 cm kraaghoogte naar naald 5,5 mm. Kant bij 8 cm alle steken zeer losjes af. Zet één kant van de kraag aan het voorpand vast. Maak aan de andere kant met een dunne haaknaald een stevig lusje voor de knoop; in de bron werd hiervoor 3,5 mm gebruikt.

Mouwen

Zet 30 steken op met naald 5 mm en brei 6 toeren boordsteek 2 x 2. Ga verder met naald 5,5 mm in tricotsteek. Meerder aan beide kanten van de mouw 1 steek bij een totale hoogte van 4, 7, 11, 14, 18 en 22 cm.

Kant bij 23 cm aan beide kanten 1 keer 2 en 2 keer 1 steek af. Kant daarna aan beide kanten 10 steken af en vervolgens de laatste 14 steken. Brei een tweede mouw op dezelfde manier.

Afwerking

Sluit de mouwzomen en zet de mouwen met een matrassteek vanaf de goede kant in de armsgaten. Werk de losse draden weg en naai de knoop op het voorpand.

De bron vermeldt dat de kraag bewust niet volledig is vastgezet: met een knoop aan één kant ontstaat extra ruimte bij het aantrekken. Dat is een praktische aanpassing aan het beschreven model.

Bron: Bekijk het originele patroon bij Haken en breien met Samar